#MeToo: creëer de randvoorwaarden om zo vroeg mogelijk de dialoog mogelijk te maken

Over #MeToo wordt al een jaar veel geschreven. En dat is goed; heel goed. In deze blog beogen wij niet een bijdrage aan de discussie te leveren. Wel willen we belichten wat mediation zou kunnen betekenen in gevallen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Deze gevallen betreffen conflictsituaties en conflicten behoren tot het domein van de mediator.

MeToo situaties onderscheiden zich vaak van andere conflicten omdat sprake is van een geval waarin:

  1. slachtoffers een groot gevoel van schaamte en/of schuldgevoel ervaren;
  2. betrokkenen in een ongelijke verhouding tot elkaar staan;
  3. de ene partij iets doet dat de andere partij niet wil: met name daarom, niet omdat het wordt ervaren als een schending van de lichamelijke en/of emotionele integriteit;
  4. een grote mate van onveiligheid ervaren wordt.

Meer nog dan in de meeste conflictsituaties speelt het ervaren gevoel van onveiligheid bij (één van) de partijen een zodanig grote rol dat mediation al haast niet meer in aanmerking kan komen. Het is daarom van cruciaal belang dat een mediator in een zo’n vroeg mogelijk stadium in beeld kan komen.

Zelfs al wordt in verband met de aard van de omstandigheden degene die het MeToo-slachtoffer onheus bejegend heeft, zó zeer en puur als vijand gezien, dat diegene het niet eens lijkt te verdienen om de dialoog mee te zoeken, dan nog kan het goed zijn het volgende te overwegen:

  1. zwijgen leidt tot een lose/lose-situatie: degene die lijdt onder de intimidatie die ervaren wordt, blijft er mee zitten met alle nare gevolgen van dien terwijl er ook niets verandert en het probleem kan voortduren;
  2. als je niet de dialoog zoekt maar – hoe voorstelbaar ook – de aanval, dan leidt dat in de praktijk in het overgrote deel van de gevallen tot een situatie waarin de getroffene het onderspit delft (zie NRC d.d. 13 oktober 2018: #MeToo; Wie klaagt over seksuele intimidatie kan meestal vertrekken;
  3. ook dader/slachtoffer-mediation in het strafrecht leidt vaak tot positieve resultaten.

Veel organisaties beschikken al over een procedure voor ongewenst gedrag van werknemers. Er lijkt echter nog veel te winnen bij het opnemen in dergelijke protocollen van de mogelijkheid om in een zo’n vroeg mogelijk stadium een mediator in te schakelen, die zo snel mogelijk een gesprek tussen betrokkenen kan begeleiden. Onze ervaring is dat een goed getrainde vertrouwenspersoon de aangewezen persoon is om partijen tot mediation te leiden. Kunst is om een breed gedragen voorziening (protocol, commissie en vertrouwenspersonen) in te richten en de mensen op de werkvloer de toegang tot de vertrouwenspersonen zo makkelijk mogelijk te maken. De vertrouwenspersoon moet goed zichtbaar zijn, anders is het een papieren tijger. De vertrouwenspersonen kunnen de koppeling naar mediation maken.

De mediator is er in getraind om de noodzakelijke randvoorwaarden te creëren, die benodigd zijn om de kans te optimaliseren dat een gevoel van veiligheid ervaren wordt. Die veiligheid is niet alleen belangrijk voor het slachtoffer, maar ook voor degene die verweten wordt te intimideren/geïntimideerd te hebben. Krijg je die persoon immers niet mee dan zal een dialoog niet mogelijk zijn. De geborgde vertrouwelijkheid zou kunnen maken dat een ieder zich vrijer voelt zich eerlijk uit te spreken. Dankzij mediation wordt de kans vergroot dat tot inzichten en oplossingen gekomen wordt, in plaats van dat er verdere escalatie van het conflict ontstaat.

Coen Schippers
Functie: CoachMediatorTrainer

Neem je gevoel serieus en gebruik je verstand.